Schildklier

Inleiding

De schildklier bevindt zich vooraan in de hals en is vlindervormig van uitzicht met een linkerkwab en een rechterkwab die met elkaar verbonden zijn door de isthmus. De schildklier is een klein orgaan dat desalniettemin een belangrijke functie vervult. De schildklier maakt de schildklierhormonen, T3 en T4, aan. Deze schildklierhormonen zijn van belang voor je metabolisme, je mentale welzijn, de bloeddruk en hartslag, enz. Schildklierhormonen zijn ook van zeer groot belang voor de ontwikkeling van de hersenen bij het ongeboren kind.

De schildklier weegt ongeveer 20 gram bij volwassenen. Elke schildklierkwab is ongeveer 4 tot 7 cm lang en is zo’n 2 cm dik.

De schildklier gebruikt jodium om schildklierhormonen aan te maken. Een gebrek aan jodium kan dan ook leiden tot een slechte schildklierwerking. Jodium wordt toegevoegd aan zout (gejodeerd zout) omdat in onze contreien weinig natuurlijk jodium in de voeding zit.

Naast schildklierhormonen maakt de schildklier ook calcitonine aan, dit gebeurt door de C-cellen die in de schildklier aanwezig zijn. Calcitonine is een hormoon dat het calciumgehalte reguleert.

 

 

Hypofyse

De schildklier wordt aangestuurd door de hypofyse. De hypofyse is een klein kliertje dat zich net onder de hersenen bevindt. De hypofyse maakt TSH aan. Het TSH zal de schildklier stimuleren om T4 en T3 aan te maken. Wanneer de schildklier niet goed werkt en onvoldoende schildklierhormonen aanmaakt, zal de hypofyse meer en meer TSH aanmaken. Om de werking van de schildklier te kunnen inschatten wordt dan ook het TSH en het vrije T4 gemeten.

Na een dosisaanpassing heeft het TSH ongeveer 6 weken nodig om zich aan de nieuwe situatie aan te passen. Uw endocrinoloog zal u dus na 6 weken terugzien om de dosis desgevallend bij te stellen.

 

Interpretatie is soms moeilijk

Soms zijn de schildklierwaarden in het bloed moeilijk in te schatten. Dit kan vele oorzaken hebben. Sommige geneesmiddelen kunnen interfereren met de schildklierhormoonwaarden. Zwangere vrouwen hebben ook afwijkende waarden die correct moeten worden geïnterpreteerd. De aanwezigheid van heterofiele antilichamen kan de resultaten eveneens beïnvloeden. Mensen die acuut ziek zijn kunnen afwijkende schildklierwaarden hebben, dit heeft echter geen klinische implicaties en dient bijgevolg niet te worden behandeld; we noemen dit ook wel het “euthyroid sick syndrome”. Er bestaan nog een heel aantal mogelijke oorzaken van afwijkende schildklierwaarden. Best laat je de interpretatie over aan je endocrinoloog.

 

Vage klachten door de schildklier

Problemen met de schildklier kunnen leiden tot allerlei vage klachten zoals vermoeidheid, lusteloosheid, koudegevoel, spierkrampen, enz bij een te trage schildklier (hypothyroïdie). Een te snel werkende schildklier (hyperthyroïdie) kan aanleiding geven tot nervositeit en prikkelbaarheid, zweten, beven, hartkloppingen, enz.

Indien men onvoldoende geïnformeerd is betreffende schildklierproblemen kunnen dergelijke klachten afgedaan worden als uiting van stress en psychologisch van aard.